Select Page

Na een uitputtende en dagenlange rit is het goed uitrusten…we komen werkelijk niet in beweging! Voor de verandering geen druk verkeer maar een bijna verlaten strand met een stuk of 8 auto’s van overlanders, allemaal Duitsers. En dus spreken we alleen maar Duits, even wennen.

Agonda is (zeker in deze tijd – hoogseizoen) normaal gesproken veel drukker, maar door de val van de roebel zijn er praktisch geen Russische toeristen. Het aantal overlanders was 2 jaar geleden nog 36, maar de reis door Pakistan is voor veel mensen een te gevaarlijke onderneming geworden. De hoge kosten voor het reizen door Myanmar helpen natuurlijk ook niet mee, dus veel mensen gaan liever naar Zuid-Amerika en Afrika.

Elke morgen komt de waterman langs en voor 1 euro kopen we 20 liter water. En hij heeft bier en tonic voor de dorstige mens. Er is een klein winkeltje waar je andere soorten drank en kleine snacks kunt krijgen. In het kleine dorp vind je de rest van de dagelijkse boodschappen en kunnen we de was laten doen. En heel handig: onze buren hebben fietsen, die we af en toe kunnen lenen. Tino heeft een motor en haalt vlees en andere boodschappen op de motor. Voor alles is een eerste keer en daarom ga ik achterop met hem mee.
KERST/OUD EN NIEUW

Zowel met Kerst als met Oud en Nieuw wordt er een groot kampvuur aangelegd op het strand. Er wordt gebarbecued en iedereen maakt een salade. We zitten met allemaal Duitsers dus de maaltijd is op Kerstavond. Het wordt erg gezellig en voor sommigen heel laat. 1e Kerstdag hebben we een brunch bij Fusion, een restaurant waarvan de eigenaresse Nederlandse is. Hier is het internet een pietsje beter dan via de telefoon.

Oud en Nieuw kan je hier ook niet ontgaan. Er zijn in India heel veel kwade geesten die allemaal weggeknald moeten worden. Lampionnen met gelukwensen gaan bij bosjes de lucht in en er wordt prachtig vuurwerk afgestoken. Overal op het strand branden vuren waarboven gebarbecued wordt en muziek gemaakt. Soms met een volume waar je niet blij van wordt.

Hoewel het maar een paar keer gebeurt, zijn de party’s van de Indiase bevolking vaak op de parkeerruimte achter de auto’s op het strand. Soms wordt er geluisterd als we vragen of het wat minder kan, maar vaak ook niet. En we staan hier gratis, dus we kunnen weinig zeggen. Bovendien is het een prachtplek en genieten we verder met volle teugen.
2 JANUARI

Ronald’s verjaardag – hij wordt 62…(tja, hij moet er weer aan wennen). De laatste jaren gevierd in Chili, Peru, Nederland ,Malawi, Maleisië en nu dus in India. Het wordt een echt feest. ‘s Morgens komt de buurvrouw met gebak met een kaarsje. We krijgen een foto van iedereen die meefeest. Het bier vloeit rijkelijk en er worden pizza’s gehaald. En, geen verrassing voor iedereen die Ronald een beetje kent: hij wordt steeds stiller en valt in slaap in de stoel, tot groot vermaak van de anderen. Als hij opschrikt en wakker wordt, gaat hij snel het bed in. De rest gaat vrolijk verder tot in de kleine uurtjes.
INTERNET IN GOA

Op zijn zachtst gezegd is internet hier een probleem. Af en toe gaat het goed, maar meestal niet. Skypen doen we bij Fusion, het restaurant en als we geluk hebben, lukt het ook nog. De website of foto’s laden duurt uren. Als we weer tegoed bij moeten kopen, moet dan in een volgend plaatsje gebeuren. Sylvia en haar man gaan daar regelmatig naar toe. Als ze terugkomen met de telefoon moeten we eind van de middag afwachten. Maar eigenlijk weten we het dan al: we worden geflest door de Airtelshop.

Onderweg naar Margao zien we een andere Airtel-winkel en controleren daar opnieuw het aantal MB’s – nog steeds niks natuurlijk. We handelen het daar af en laten gelijk op de kwitantie vermelden, wat ze aangetroffen hebben. Vervelend voor Sylvia, maar met dit bewijs krijgt ze in ieder geval het geld terug, vergezeld door een aantal smoezen. Niet slim van deze eigenaar, want bij de lokale bevolking is dit zo bekend.
CARNET DE PASSAGE EN VISA

Ons carnet is maar 6 maanden geldig en loopt half januari af. Verlenging is mogelijk bij een douanekantoor, maar je weet het maar nooit hier in India. Als het niet verlengd kan worden, moeten we als een speer naar Nepal, niet iets om naar uit te kijken. We gaan op weg naar Panjim, de hoofdstad van Goa waar alle overheidskantoren centraal gevestigd zijn. Een vriendelijke man vertelt ons, dat we weer terug moeten naar Margao – Harbour en geeft ons ook de namen van de mensen die we moeten hebben.

Als we het kantoor uiteindelijk gevonden hebben, blijkt tot onze opluchting dat de verlenging een formaliteit is. We leveren de papieren in en kunnen ze de 3e dag weer ophalen. Alles moet bekeken worden door 4 (!) verschillende personen waarna er getekend kan worden door de High Comissioner himself.

Op de camping zijn meer mensen die op weg moeten. Nils en Hanna hebben een visum voor 1 jaar en het is 3 maanden geldig. Dan moeten ze de grens over en krijgen dan opnieuw 90 dagen. Ook zij proberen een verlenging te krijgen in Panjim, maar ze hebben pech: verlenging is niet mogelijk en zij moeten doorrijden of vliegen naar Nepal. Datzelfde staat Martine en Jochem te wachten. Waarom het hier niet geregeld kan worden? This is India….
TECHNIEK EN ZO


Niet alle auto’s doorstaan de reis zo goed als de Toyota. Er zijn 3 auto’s met ondeugdelijke bladveren, die vervangen moeten worden. Dieter’s auto wordt tot volle tevredenheid gerepareerd door een Indiase mechaniciën. Holgers auto zal hij als 2e doen, maar daarvoor moet hij 2 extra mensen meenemen. Hij krijgt een voorschot, maar op de afgesproken dag breekt de pleuris uit, als hij met een hamer de gastank te lijf gaat. Het wordt een hele rel en hij komt nooit meer terug. Jammer voor ons, want hij heeft nog een klein onderdeeltje, dat hij na zou maken. Wij zijn er niet, maar het is die dag blijkbaar goed raak. Als we terugkomen van de reis naar Margao, is onze plaats ingenomen door Bernd en Melanie. Door de politie zijn ze gedwongen om te verhuizen, omdat hij op de enige schaduwrijke plek van de parkeerplaats stond. Daar verzamelt normaal gesproken de Indiase jeugd zich in het weekend.
Ook dat loopt nogal hoog op. Gelukkig maar dat we er niet zijn…

 

ONZE INDIASE BUURMAN

Naast alle Duitse kampeerders is er een Indiase, wat heel uitzonderlijk is. Meestal verblijven Indiase mensen in hotels. Deze man heeft een eigen ‘camping’, tot groot vermaak van alle anderen. Hij heeft een chauffeur, een kok, 2 dienstmeisjes en 1 manusje van alles bij zich. Als hij naar het strand gaat, staan er al 2 parasols en stoelen klaar. Er worden drankjes op een dienblad door de bedienden bij ze gebracht. Veel Indiase mensen drinken geen alcohol, maar dat geldt niet voor deze man. Soms wordt hij ondersteund door zijn mensen van het strand naar de auto gebracht.

Tot onze verrassing spreekt zijn chauffeur goed Nederlands! Hij heeft meer dan 10 jaar in Nederland gewerkt en komt regelmatig voor een praatje langs. We worden uitgenodigd door de Indiase familie voor het eten. Tegen zoiets zeggen we nooit nee. We krijgen een heerlijke maaltijd voorgeschoteld. Hij spreekt goed Engels, maar zijn vrouw geen woord. Dat maakt het af en toe wel lastig.

Als Ronald vraagt, wat voor werk hij heeft gedaan, valt hij bijna van zijn stoel af. Werken? Dat heeft hij nog nooit gedaan. Hij is in de gelukkige omstandigheden dat het nooit nodig is geweest. Zijn grootvader heeft nog geregeerd in Punjab, maar in 1947 ging een groot gedeelte van zijn land naar Pakistan. Nu woont de familie in het noordwesten van India en heeft zijn zoon alles overgenomen. Wat bij ons de vraag doet rijzen, hoe zoiets gaat. Je doet niks, gaat met pensioen, en doet verder ook niets. Of zo?

Ook zijn vrouw is van koninklijke bloede maar dan uit Nepal. Hun dochter is ook weer getrouwd in de Nepalese koninklijke familie.

Zo zie je maar weer, wie je op een camping kan aantreffen…en met wie je een vorkje meeprikt. Ronald en de Indiase man praten (en drinken) samen nog heel wat af. De Indiase vrouw haakt eerst af, de taal is toch een groot probleem. En dan besluit ik ook om naar bed te gaan. Ronald komt vele uurtjes later. Want ophouden met drinken blijkt nog niet mee te vallen, als je glas telkens wordt vol geschonken. Er blijft Ronald nog maar 1 ding over: het laatste glas vol laten staan om terug te komen. (geheel tegen zijn principes in!)
ONVERWACHT BEZOEK

Op alweer een zonnige morgen krijg ik een telefoontje van Navin, een vriend uit Delhi waar ook onze auto tijdens de vakantie in Nederland heeft gestaan. Hij is in Noord Goa en speciaal voor ons naar Agonda gereden. Hij wil even langs komen en vraagt waar we precies staan. We leggen het uit en Ronald rijdt hem op de fiets van Dieter tegemoet. Natuurlijk missen die elkaar, maar even later zitten de mannen aan een flesje bier en ga ik met zijn dochter het water in. ‘s Avonds wordt er gegeten in het restaurant, uitvoerig besprenkeld met bier. Navin kent natuurlijk ook nog wat inlandse drankjes, die getest moeten worden. Veel te snel is de dag voorbij en gaan ze weer op weg naar Delhi.

Verwacht bezoek is er ook genoeg. Fanny en Manny zijn de eerste: hun ouders komen 3 weken over. Sandra en Holger krijgen bezoek van zijn moeder en Tino’s familie komt de dag erna. De moeder van Holger neemt een heleboel mee uit Duitsland, waaronder stapels toiletpapier….Gelukkig ook salami en kaas; we krijgen een pakje salami, waar we heel dankbaar voor zijn. Eindelijk weer eens wat hartigs.
Tino’s bezoek neemt voor ons een onderdeel mee, dat we nodig hebben voor de reparatie van de gootsteen. Een alternatieve oplossing hoeven we dus niet te bedenken.

De familie neemt ook de passen mee terug van de mensen, die een Pakistaans visum nodig hebben. Dat kun je namelijk alleen maar in het thuisland aanvragen. Een behoorlijk aantal reizigers moet terug naar Duitsland via Pakistan en Iran (dat gaat met een militair konvooi) en passen kun je niet verzenden in India. De familie regelt de visa en stuurt de passen met DHL terug (dat mag dan weer wel) waar iedereen ze kan ophalen. Een behoorlijk omslachtig gedoe allemaal, maar anders had een van de anderen een vlucht naar Duitsland moeten nemen om het te kunnen regelen.
NEPAL/TIBET/CHINA ENZ.

Wij zullen alleen via Pakistan reizen als andere mogelijkheden uitgesloten zijn. Het is er wel erg onrustig en bovendien hebben we dan voor een groot deel al een route die we al eerder hebben gereden. Maar ook een Chinees visum is verre van eenvoudig en kost een behoorlijke smak geld. De reisagent heeft er minimaal 3 maanden voor nodig.

Om de kosten te drukken, probeert iedereen in groepen te reizen. We zijn al maanden bezig via diverse fora medereizigers te zoeken. En langzaamaan begint dat te lukken. Zoals het er nu voor staat, gaan we 22 dagen met 2 Duitsers, 2 Grieken en een Indiase familie op pad. Voor 15 januari moet de reisagent alle mogelijke en onmogelijke formulieren hebben. Ze hebben minimaal 3 maanden nodig om permits en gids te regelen. Dit alles gaat via internet en dat gaat hier l a n g z a a m….1/3 van de reissom moeten we voor 1 februari aan ze overgemaakt hebben en als alles lukt, kunnen we op 24 april via Nepal naar Tibet en China. We worden afgeleverd bij de grens van Kirgizië, waar we gelukkig een visum aan de grens krijgen.